Damvereniging VBI 2 wint weer

door Theo Berends

In de achtste speelronde van de nationale damcompetitie hebben de reserves van damvereniging VBI Huissen weer toegeslagen. In een zinderend duel werden de Groningse dammers van Het Noorden met het kleinst mogelijke verschil verslagen.

De wedstrijden tussen deze twee teams leveren al jaren spektakel op. Uiteraard is de uitslag van deze ontmoeting niet te voorspellen. De vorm van de dag kan natuurlijk bepalend zijn. Beide teams hadden vooraf één voordeel: zowel promotie als degradatie was niet aan de orde. Alle ingrediënten waren dus aanwezig voor een mooie wedstrijd. Om twaalf uur ging de klokken aan. De spelers geven elkaar een hand en wensen hem/haar een prettige wedstrijd toe. Vroeger zei men voor aanvang van een partij nog wel eens “dat de sterkste mogen winnen”. Deze wens voor een dampartij heb ik al heel lang niet meer gehoord. En dat is maar goed ook, wederzijds respect voor iedere sporter hoort vanzelfsprekend te zijn. Tijd voor het wedstrijdverslag,

De Huissenaren begonnen goed. Joost Hendriksen trof aan de overzijde van het dambord Johan Rademaker aan. Johan die als invaller en met een ratingverschil van meer dan driehonderd punten, beleefde als verwacht een moeilijke middag. Maar zoals Joost na afloop opmerkte “geen enkele dampartij is gemakkelijk”. Ook in deze partij moest Joost zijn strategische kwaliteiten aanspreken om de punten binnen te halen. De Huissenaar maalt er niet om, wanneer er spoedig schijven van het bord verdwijnen. Joost spelend met zwart, krijg in het middenspel al snel de controle over veld 24. Op de veertigste zet ging Johan 37-32? in de fout. Met een combinatie besliste Joost de partij.

Lang zou deze voorsprong niet duren. De nestor van het team Bert Dollekamp wist in een fraaie partij Fleur Kruijsmulder te verschalken. Fleur die het zo goed doet in de halve finale van het Nederlands Kampioenschap, had niet een heel beste dag. Vanuit de Tsjegolew-opening, die net iets anders door Bert met wit werd gespeeld, leek Fleur goed te zijn uitgekomen. Fleur koos met 13…17-22 en na het sluiten met 14.37-31 voor randspel door de twee om twee naar veld 36 te nemen. Mijn voorkeur zou uitgegaan zijn naar de Springer-doorstoot met 23-28. Later verzuimde Fleur om haar korte vleugel te ontwikkelen. Dat alles resulteerde in een opmerkelijke stelling op de 26e zet 37-32. Wit bezette zeven witte schijven op de diagonaal 16/49. Johan Krajenbrink zal zeker genieten van deze witte opstelling. Met het foutieve 26…3-8 zette Fleur de weg open voor een damcombinatie. Uiteraard benutte Bert dit buitenkansje. Hierdoor was de wedstrijd, na twee vroege beslissingen, weer in evenwicht.

Marcel Janssen nam het op bord vier op tegen Owen Donkers. Marcel is natuurlijk een ideale teamspeler. Hij verliest zelden daarom van grote waarde voor ieder team waarin hij speelt. Ook zaterdag was dat weer als van zelfsprekend. In een boeiende opening waarin het Drost-systeem aan de orde was, speelde Owen, als aanvaller goed. Kenmerkend voor Drost-systeem is uitwisseling van de schijven 23 (voor wit) en 27 (voor zwart). Maar de Groninger kent z’n klassiekers. Dus restte Marcel niet anders dan met 19…18-22 terug te ruilen. Het vernuft was hiermee wel uit de stelling. Een aanval op de witte voorpost 24 zat er na 21.24-20-20 ook niet meer in. Hierna gebeurde er weinig meer in deze partij, zodat na ruim veertig zetten de punten werden gedeeld. Ongetwijfeld zal Marcel na de partij toch wel wat gefrustreerd zijn geweest. Aan de motivatie en ambitie zal het bij Marcel nooit liggen. Over drie weken wacht een nieuwe kans.

Onze kopman in deze wedstrijd, spelend op het eerste bord, Willem Hoek trad aan tegen de sterke Jan van Meggelen. Willem bezig aan een sterk seizoen, is als dammer vaak onnavolgbaar. Een tegenstander weet nooit wat hij voor een partij tegen Willem kan verwachten. Theoretische openingen worden door Willem gemeden. Hij speelt op zijn eigen kompas. Komt vaak mijns inziens, iets minder te staan in zijn partijen, maar zijn reken vermogen is meer dan goed. En dat was afgelopen zaterdag niet anders. Zo speelt Willem, die de witte schijven hanteerde, 6.31-27×27 om vervolgens met 13.27-21×21 het hazenpad te kiezen. Vervolgens laat hij ook nog een korte-vleugel-opsluiting toe. Maar in het verloop van de partij komt alles weer op z’n pootjes terecht. In een zes om zes dwingt hij met 48.30-24×24 een verdiende remise af.

Rob Schrooten speelde tegen Floris Tol een boeiende maar ook spectaculaire partij. Ook hier werd de partij geopend vanuit de Tsjegolew-variant. Maar Rob koos met 6.31-27×27 voor een rustige voortzetting. Niet veel later kreeg ook Rob te maken met de twee om twee ruil 22-28 en 16-21. Zwart een randschijf op 36 en de Huissenaar een randschijf op veld 16. Hierna werd het een klassiek middenspel, waarbij Floris wel de volledige controle had op beiden vleugels. Rob zat in het middenspel aardig in temponood. Daarom was 36.28-22 gedwongen, omdat 36.39-34? zou verliezen door 18-22, 24-30, 19×28 en 7-11 zw+. Een zet later begaat Rob een fout, waar 37-31 goed genoeg was geweest voor een puntendeling. Na het gespeelde 37.27-21 neemt Floris een doorbraak maar vergeet hij het af te maken. Na 42.33-29 slaat zwart verkeert met zijn schijf 42. Anders slaan met schijf 24 had hem een simpele dam doorbraak opgeleverd. Daar zwijnde de Huissenaar, die in de herkansing, ondanks twee schijven achterstand, toch de remise veiligstelde.

Met nog drie partijen te gaan, leken de winstkansen toch wel bij de Huissenaren te liggen. De eerstvolgende die zijn bijdrage aan het team leverde was Dirk Joosten. Zijn tegenstander René Wijpkema, een dammer die het damspel regelmatig via social media promoot. Qua sterkte volgens de rating meter is nagenoeg gelijk. Dirk zoekt zijn kansen vaak in de omsingeling. Dat levert mooie partijen op en is ook nog rendabel in de score. Zie vooral zijn overwinning op Aliar in de derde speelronde. Vanuit de opening liet Dirk het initiatief aan René. Maar deze was wel op z’n hoede door het niet op te spits te drijven en schakelde terug met 18-22×13. Dirk deed er alles om tot een omsingeling van het zwarte centrum te komen. René liet zich niet verrassen en zo eindigde deze pot na ruim vijftig zetten in remise.

Jan van Loenen had zaterdagmiddag de handen vol aan hun teamleider Danny Staal. Jan, die in zijn jonger jaren in de noordelijke provincies speelde heeft vaak tegen Danny gespeeld. Zijn speelstijl ligt Jan wel. In een klassiek duel werd het evenwicht nauwelijks verbroken. Na wat schermutselingen in het middenspel, moest Danny zijn toevlucht zoeken in een eindspel met een schijf minder. Dat was dus ruimschoots voldoende voor de remise. Met een tussenstand van 7-7 waren alle ogen gericht op onze troef en topscorer Geert van Aalten.

Geert moest het opnemen tegen Jakob(!) Pronk. Een taaie tegenstander die maar moeilijk te kloppen is. De Keller-opening zag er veel belovend uit. Maar Jacob was op zijn hoede en schakelde over op het vereenvoudigen van de stelling. Dat resulteerde een klassiek middenspel, waarin Jacob met zwart speelde, langzaam de wedstrijddruk begon te voelen. Hij zocht ruimte, maar hij vond deze niet, zodat hij zijn toevlucht zocht in de randvelden 26 en 36. De stelling werd dunner en dunner. En remise leek aanstaande. Geert was inmiddels voor een schijf op doorbraak gekomen. Jacob offerde op 59… 26-31? terug om ook de damlijn te bereiken. Er ontstond een eindspel waarin Geert moest proberen om drie dammen te halen, om zo nog te kunnen winnen. Dat werd een langdurig verhaal, waarbij de tijd de klok voor beiden een cruciale rol speelde. De toeschouwers keken ademloos toe hoe dit zou aflopen. Tegenwoordig krijg je na iedere zet er automatisch één minuut bedenktijd erbij. Iedere zet kan nu beslissend zijn. Geert aan zet en zijn tijd raakte op. Hij bemerkte bijna te laat en na een gespeelde zet had hij nog 1 seconde over. Geert won dit eindspel alsnog van de taaie Jacob.

Dat moment van tijdnood deed me weer terugdenken aan een anekdote van ons oude lid Cees Ariëns. Als speler van ons vierde team, speelde hij in een provinciale clubwedstrijd. In de loop van die partij, had Cees een paar borreltjes achterovergeslagen. Vervolgens in slaap gevallen. Alles en iedereen eromheen, maar Cees verloor de partij op de klok. Toen zijn vlaggetje gevallen was, werd hij wakker gemaakt. Deze anekdote kende nog een mooi vervolg, maar dat laat ik maar rusten.

Al met al kunnen we vaststellen dat we met het nodige geluk, deze wedstrijd naar ons toe hebben getrokken. Maar goed, zo zit de sport, dus ook de damsport, in elkaar. Soms zit het mee soms zit het tegen. Maar met nog een wedstrijd voor de boeg kunnen we vaststellen, en dat na een stroeve start, het een goed seizoen is geworden. Met een maximale derde plaats mogen we tevreden zijn. De laatste opponent is de nieuwe kampioen in deze klasse HDC Hoogeveen 1. Zij wonnen met overmacht alle wedstrijden en dus promoveren na de ereklasse. Uiteraard onze felicitaties. De laatste wedstrijd is op 21 februari in Hoogeveen.